Home

  • POËZIE

    GRAVEN

    Ach de graven. Niet die in het zand
    niet de lange gaten in oogverblindend witte muren
    niet de gevulde urnen of de sarcofagen
    aan het eind van een onderaardse gang
    maar de graven in de hoofden, de ongebalsemde beelden
    die ’s nachts tot leven komen.

    De monden die zich laten horen als het stil is.
    Geheimen die zich openbaren. Paden
    die niet doodlopen maar dwingen tot dolen
    dwaalsporen die de weg wijzen.
    Vallende vogel, scheur in de schedel. Ach
    al het aangetrapte, al het bezworene.

    Al het vergetene. Verbeten was je het grind.
    Je schuurt de zerken met je laatste tranen. Alfonsina
    gaat naar Tarragona: Adieu, adieu. Je harkt het pad aan
    naar het noorden, begiet de bomen in een kring
    en kijkt omhoog, niet achterom.
    Je houdt nog vast aan een naam

    tot je meent te horen: Laat me los,
    en je loslaat. In oktober zijn de nauwe straten leeg
    in Begur. De vrouwen doven hun fakkels
    warmen zich bij brandend hout uit de heuvels
    en zingen zich schor. Tot je teruggaat, alleen
    met woorden. Wat is daar eenzaam aan.

    Fleur Bourgonje

    De afgebeelde roman van Fleur Bourgonje verscheen in 2024.

  • Limerick

    WIJSTER
    WIJSTER

    In een bos bij het Drentse Wijster

    woont een vrolijke oude vrijster

    erg sober en puur

    één met de natuur

    ze zingt en schijt zelfs als een lijster.

    © Sjoerd Vriesema